menu
menu

Seizoenscomponist: De veranderende klanken van Frederik Neyrinck

Seizoenscomponist: De veranderende klanken van Frederik Neyrinck

Seizoenscomponist Frederik Neyrinck rijgt de ene na de anderecompositie-opdracht aan elkaar. In april buigt hij zich samen met Josse De Pauw en Koenraad Tinel over het lot van Narcissus en zijn geliefde spiegelbeeld in een nieuwe productie van muziektheater LOD. In mei schudt hij Take Out uit zijn mouw: een groots opgezet evenement waarin heel wat Brugse amateurmuzikanten samen de verdwenen Sint-Donaaskathedraal nieuw leven inblazen. Maar Neyrinck blijft er voorlopig rustig onder: ‘Het is vooral erg leuk allemaal.’

Hoe zou je jouw manier van componeren omschrijven?

Kleur is voor mij het begin. Hoe je klankkleuren kan laten veranderen, dat fascineert me mateloos. Meestal vertrek ik vanuit heel eenvoudige ingrediënten: een loopje of een enkel akkoord van drie noten. En dat probeer ik dan op telkens verschillende manieren in te kleuren. In die zin past mijn manier van componeren natuurlijk heel goed bij ‘Metamorfose’, het seizoensthema van het Concertgebouw: het gaat me om die voortdurende verandering.

Welk doel heb je voor ogen als je componeert?

Ik ben geen componist die een boodschap wil formuleren die buiten de muziek ligt, zoals bijvoorbeeld een politiek of maatschappelijk statement. Ook als ik vanuit schilderijen vertrek – wat vaak gebeurt – gaat het me nooit om een letterlijke ‘vertaling’ of ‘verklanking’ van dat schilderij. Mijn doel is eerder om dat principe van transformatie altijd verder te onderzoeken. Daarom ook dat ik graag voor heel verschillende bezettingen schrijf, van piano solo tot groot orkest, omdat je dan dezelfde ideeën in telkens andere contexten kan plaatsen. En dat opent dan vaak weer allerlei nieuwe mogelijkheden, waar je je op voorhand niet van bewust was. In die zin bouwen mijn stukken ook altijd op elkaar voort: een beetje zoals de takken van een boom.

Je schrijft op dit moment aan de muziek voor Zolang hij niet zichzelve kent, een van de voorstellingen in Brugge tijdens het muziektheaterfestival Opera21. Een uitdaging?

Ja, maar een hele leuke. Het is sowieso fijn om op scène te staan met mensen die geen muzikant zijn. Ze reageren vaak heel anders op je muziek. We zoeken naar een goede interactie tussen de tekst van Josse (De Pauw, red.), de tekeningen van Koenraad (Tinel, red.) en mijn muziek: de muziek is zeker niet alleen maar een kabbelende soundtrack onder het werk van de twee anderen, maar eist haar eigen rol op. In mijn compositie zal ik natuurlijk sommige elementen uit het verhaal dankbaar uitspelen. Als Narcissus in het water kijkt, zal de muziek ook met spiegelingen werken, bijvoorbeeld. Maar enkel om er dan opnieuw mee te spelen.

 ‘Take Out voelt als een grote speeltuin, waarin ik alle aspecten van mijn componeren aan bod kan laten komen.’

Frederik Neyrinck

En dan mag Brugge ook nog jouw ‘her-schepping’ van de Sint-Donaaskathedraal meemaken. Wat staat er precies te gebeuren?

Veel (lacht). Er komt een twee uur durend parcours met korte concertjes op allerlei locaties binnen en buiten en daarna een groots slotmoment op de Burg – als het niet regent ten minste! Het is heel erg fijn om dat allemaal in elkaar te puzzelen: een gigantisch ‘work in progress’, maar met gelukkig steeds minder vraagtekens. De Missa de Sancto Donatiano van Jacob Obrecht is het uitgangspunt voor het hele gebeuren en staat ook centraal tijdens de topstukweek (lees er alles over op p. 27, red.) Soms zal die mis heel duidelijk te herkennen zijn. Soms zal ze herkenbaar zijn, maar er ook van afwijken. En soms pik ik slechts enkele heel kleine elementen uit de mis die ik dan weer gebruik als basis voor mijn eigen transformaties. Het wordt erg divers en de muziek zal vanuit alle hoeken van het plein weerklinken. Zelfs de beiaard doet mee. Dit project voelt eigenlijk als een grote speeltuin, waarin ik alle aspecten van mijn componeren in aan bod kan laten komen.


Annemarie Peeters

Deel dit nieuwsbericht

Schrijf je in op onze nieuwsbrief