Ga naar de hoofdcontent
Peter Van Heyghen & Kris Verhelst /

Peter Van Heyghen & Kris Verhelst / Passaggi et affetti

Biografieën


Peter Van Heyghen
(BE) studeerde blokfluit en zang aan het Koninklijk Conservatorium te Gent. In de loop der jaren ontwikkelde hij zich tot een internationaal erkend specialist op het gebied van de uitvoeringspraktijk van zowel renaissance- als barokmuziek. Hij was als solist en dirigent te horen bij onder meer zijn kamermuziekensemble More Maiorum, het blokfluitconsort Mezzaluna, Cappella Pratensis, Les Muffatti en il Gardellino.

Kris Verhelst (BE) studeerde orgel bij Chris Dubois en klavecimbel bij Jos van Immerseel. Ze profileert zich niet alleen als soliste, maar ook als basso continuo-speelster. Haar concerten vinden plaats in Europa, de VS en Japan. Ze werkte al samen met Anima Eterna Brugge, Collegium Vocale Gent, Les Muffatti, More Maiorum, Oltremontano, La Sfera Armoniosa, Ricercar Consort, Scorpio Collectief en Il Gardellino. Haar werk is te horen bij de labels Passacaille, Accent, Ramée, Klara, Channel Classics, Mirare, Aliud en EMR.

Uitvoerders & programma


Peter Van Heyghen:
blokfluit
Kris Verhelst: klavecimbel & orgel

--

Giovanni Bassano (1560/61-1617)
Ricercata terza uit Ricercate, Passaggi et Cadentie (Venetia, 1585)

Giovanni Battista Fontana (1589-1630)
Sonata Terza uit Sonate (Venetia, 1641)

Tarquinio Merula (1594/95-1665)
Intonazione Crommatica dell Nonj Tonj (D-B Ms.Lübbenau-Lynar A2)

Francesco Rognoni Taeggio (?-p.1626)
Pulchra es amica mea uit Selva de Varii Passaggi (Milano, 1620)
Diminuties op een motet van Giovanni Pierluigi da Palestrina

Giovanni Martino Cesare (ca.1590-1667)
La Foccarina uit Musicali Melodie (Monaco, 1621)

Girolamo Frescobaldi (1583-1643)
Toccata & Ricercar con obligo di cantare uit Fiori musicali (Venetia, 1635)

Girolamo Frescobaldi
Canzona seconda detta la Bernardinia uit Il primo libro delle canzoni (Roma, 1628)

Giovanni Bassano
Caro dolce ben mio uit Motetti, Madrigali, et Canzoni Francese diminuiti (Venetia, 1591)
Diminuties op een madrigaal van Andrea Gabrieli

Giovanni Picchi (1572-1643)
Pass'e mezzo Antico di sei Parti uit Intavolatura di Balli d'Arpicordo (Venetia, 1621)

Peter Philips
Ò dilecte uit Paradisus Sacris Cantionibus (Antverpia, 1628)
Diminuties van Peter Van Heyghen

Jakob Van Eyck
Questa dolce sirena uit Der Fluyten Lust-Hof, deel II (Amsterdam, 1646)
Diminuties op een danslied van Giovanni Giacomo Gastoldi

Marco Uccellini (ca.1603-1680)
Aria decima terza sopra questa Bella sirena uit Sonate correnti et arie, opus 4 (Venetia, 1645)
Diminuties op een danslied van Giovanni Giacomo Gastoldi

Biagio Marini (1594-1663)
Romanesca uit Arie, Madrigali et Corenti (Venetia, 1620)

Peter Philips (1560/61-1628)
Amarilli (D-B Ms.Lübbenau-Lynar A1)
Diminuties op een lied van Giulio Caccini

Jakob Van Eyck (1589/90-1657)
Amarilli mia bella uit Der Fluyten Lust-Hof, deel I (Amsterdam, 1644)
Diminuties op een lied van Giulio Caccini

Dario Castello (1602-1631)
Sonata Prima uit Sonate Concertate, libro secondo (Venetia, 1629)

Toelichting

 

Een nieuwe eeuw, een nieuwe stijl:
instrumentale muziek in de Italiaanse barok anno 1600

  • De instrumentale muziek van de vroege barok ontspringt uit drie belangrijke bronnen: vocale muziek, dans en improvisatie.
  • Giulio Caccini’s beroemde canzonetta Amarilli mia bella was niet enkel één van de meest geliefde composities van zijn tijd, maar ook een van de beroemdste modellen voor instrumentale composities voor de volgende generatie.
  • Instrumentale genres als ricercar, toccata, romanesca en prelude ontstonden vanuit improvisatie; de sonate is het oudste instrumentale genre dat meteen als geplande ‘compositie’ ontstaat.

Rond 1600 ruimde de Italiaanse renaissance ook in de muziek plaats voor de barok. Componisten zetten alle mogelijke technieken en stijlen in ten dienste van maximale zeggingskracht en ook uitvoerders droegen hun steentje bij tot virtuositeit en expressie. Het gevolg was een reeks genres die samen zouden leiden tot een cruciale nieuwe ontwikkeling: het ontstaan van autonome instrumentale muziek.


Vocaal naar instrumentaal: intabulatie en diminutie

De instrumentale muziek van de vroege barok ontspringt uit drie belangrijke bronnen: vocale muziek, dans en improvisatie. De traditie van het uitvoeren van vocaal repertoire met of door instrumenten bestond uiteraard al eerder. In de late middeleeuwen en de renaissance was het ondersteunen van vocale uitvoeringen met instrumenten immers heel gewoon; afhankelijk van de sociale en functionele context en de beschikbare middelen en musici werden instrumenten soms toegevoegd aan een vocale bezetting. In andere situaties werd het repertoire volledig instrumentaal – en dus tekstloos – uitgevoerd. Deze versies worden vaak ‘intabulaties’ genoemd, naar de notatievorm (tablatuurnotatie) voor klavier- of tokkelinstrumenten.

Een gelijkaardige aanpak vinden we na de eeuwwisseling, met dat verschil dat na 1600 het toevoegen van versieringen steeds gangbaarder wordt: de langere noten uit de vocale muziek werden steeds vaker ingevuld door virtuoze passages in korte notenwaarden, ‘diminuties’ genoemd; in het Italiaans heten deze passaggi. Het oudste voorbeeld in het programma zijn Giovanni Bassano’s diminuties op een madrigaal van Andrea Gabrieli, Caro dolce ben mio, gepubliceerd in de bundel Motetti, Madrigali, et Canzoni Francese diminuiti, verschenen in Venetië in 1591. De titel van Bassano’s bundel maakt meteen duidelijk waar componisten in de laatste decennia van de 16e eeuw hun bewerkingen op baseerden: religieuze en wereldlijke polyfonie. In de volgende eeuw bleven dergelijke diminuties geliefd. We horen bewerkingen van Palestrina’s motet Pulchra es door Francesco Rognoni Taeggio (1620). Een van de beroemdste modellen voor diminuties was Giulio Caccini’s beroemde canzonetta Amarilli mia bella. Op het programma staan diminuties van Peter Philips en van Jakob Van Eyck, die beroemd werd met zijn bundel Der Fluyten Lust-Hof.

'De langere noten uit de vocale muziek werden steeds vaker ingevuld door virtuoze passages in korte notenwaarden, ‘diminuties’ of 'passagi' genoemd.'


De populariteit van intabulaties en diminuties zette componisten er ook toe aan om rechtstreeks instrumentale muziek te componeren in de stijl van ‘instrumentale chansons’. Verwijzend naar de vocale oorsprong van het genre, werden deze canzone (enkelvoud canzona) genoemd. We horen een voorbeeld van Girolamo Frescobaldi, zijn Canzona seconda detta la Bernardinia (1628).


Vocaal naar instrumentaal: dans

De tweede bron voor de instrumentale muziek is de dans. Dat dansvormen en -melodieën op dezelfde manier werden ‘verwerkt’ als vocale muziek uit de tijd, blijkt al uit de titel van Giovanni Picchi’s bundel uit 1621: Intavolatura di Balli d'Arpicordo (Intabulaties van dansen voor het klavecimbel). We horen zijn Pass'e mezzo Antico di sei Parti. Een passamezzo is een dansvorm met een typerend baspatroon, ‘antico’ betekent in deze context dat het in een mineurmodus staat. Andere voorbeelden die op dans en vocale muziek zijn gestoeld, zijn de diminuties op een danslied van Giovanni Giacomo Gastoldi, Questa bella sirena, van de hand van Marco Uccellini en Jakob Van Eyck (gepubliceerd in 1645 en 1646).


Origineel instrumentaal: van improvisatie tot sonate

De derde stroom bestaat uit genres ontstaan uit instrumentale improvisatie, zoals het ricercar, de toccata en ostinato-genres zoals de romanesca. ‘Ricercare’ betekent zoveel als ‘zoeken, verkennen’; het is de muzikale tegenhanger van het literaire essay, waarin componisten een modus, een ritmische of melodische formule of een contrapuntische combinatie verkenden. Het oudste werk op het programma is opnieuw van de hand van Giovanni Bassano: zijn Ricercata terza verscheen in 1585 in Venetië in een bundel Ricercate, Passaggi et Cadentie.

Vanuit de orgelpraktijk ontstonden intonaties en preludes, die voorafgingen aan een vocale uitvoering; we horen Tarquinio Merula’s Intonazione Crommatica. Het virtuoze bespelen (Italiaans toccare) van het klavier stond dan weer centraal in de toccata. Tot slot werd ook geïmproviseerd op een steeds herhaalde formule in de baspartij, de zogenaamde ostinate bas. De romanesca is een voorbeeld van een dergelijke ostinatovorm; op het programma vinden we een bekend voorbeeld van Biagio Marini, een van de oervaders van de sonate.

'Met de sonate ontstaat in de eerste decennia van de 17e eeuw een genre dat als geen ander zijn stempel zou drukken op de muziek van de volgende eeuwen.'

Met de sonate (Italiaans sonata) ontstaat in de eerste decennia van de 17e eeuw een genre dat als geen ander zijn stempel zou drukken op de muziek van de volgende eeuwen. De werken van Dario Castello (1629) en Giovanni Battista Fontana (1641) vormen frisse voorbeelden van de vroegste stadia in het genre. De volgende generatie componisten, met name in de figuur van Arcangelo Corelli, geboren in 1653, zou de sonate tot het paradepaardje maken van instrumentale virtuositeit, zeggingskracht en autonomie – volledig los van de menselijke stem.


Pieter Mannaerts

LUISTERTIP
Lang-kort-kort: geen morsecode, wel het typerende openingsritme van heel wat ricercars, canzone en vroege sonates. Luister bijvoorbeeld naar de eerste noten van Frescobaldi’s Canzone detta la Bernardinia, Cesare’s La Foccarina en de sonate van Giovanni Battista Fontana.
#deeplistening

Beleef meer tijdens Têtes-à-têtes

Têtes-à-têtes draait om intense ervaringen, en niet enkel in het zog van de muziek. Ga voor een brede festivalbeleving en maak ook dit mee:

  • Pop-up café op Forum 6

    Na de voorstelling houden we de intieme sfeer verder aan. Voor de gelegenheid toveren we de zesde verdieping van de Lantaarntoren een maand lang om in een stemmig pop-up café. Drink in alle gezelligheid een glas met zicht op Brugge by night en laat de luisterervaring nog wat nazinderen.

  • Klankinstallatie 'From Fin to Footprint' op Forum 7

    Sinds 2024 werkt Johannes Kreidler aan gemotoriseerde instrumenten die de grenzen tussen visuele kunst, muziek en technologie vervagen. Tijdens Têtes-à-têtes bevolken deze motor instruments de bovenste verdieping van de Lantaarntoren, waar je ze voor en na elk concert kan ontdekken. Verwacht je aan een toegankelijke, grappige ‘installatie’, die ook muzikaal heel sterk is.

  • Liefde aan de muren / liefde voor je oren

    Het project Love Lines trekt een rode liefdesdraad door ons seizoen. In oktober 2025 wijdden zes auteurs al wie dat wilde in in de nobele kunst van het ‘liefdesbrief-schrijven’. Woorden uit en foto's van de mooiste flarden uit die brieven geven ons pop-up café extra kleur en poëzie. Kom ook luisteren naar deze odes tijdens een gratis 'luistermoment' in het pop-up café op Forum 6 op zondag 22 februari.

    Een project i.s.m. vzw De Batterie, met de steun van de spelers van de Nationale Loterij

Getipt voor jou

  • Anna Besson & Reinoud Van Mechelen / Afspraak(je) op scène

    Eén instrument + één stem = één koppel. Anna Besson en Maker Reinoud Van Mechelen gaan de uitdaging aan om speciaal voor die liefdevolle bezetting een programma te bedenken. Ze geven jou, en elkaar, rendez-vous met origineel werk voor stem en fluit of traverso. Op het programma ook eigen arrangementen van muziek van Franse componisten, van Guillaume de Machaut tot Claude Debussy en Albert Roussel. Een snuif Bach en een dosis folk maken de optelsom compleet.

  • Les Cris de Paris / Schütz. Hooglied

    Heinrich Schütz liet zich zijn hele leven lang inspireren door het Hooglied, het meest dichterlijke en zinnelijke Bijbelboek. Op deze magistrale erotische poëzie liet hij al zijn kunnen los in de nieuwe muzikale taal die hij had ontwikkeld sinds zijn leertijd bij Gabrieli in Venetië. Hierin gaan timbres en ruimte-effecten samen met solowerk en meerkorigheid. Sindsdien weerklonk de Bijbelse liefde met Italiaanse eleganza.

  • a nocte temporis, Choeur de Chambre de Namur & Reinoud Van Mechelen / Rameau. Les Boréades

    Rameau zou zijn ‘tragédie lyrique’ Les Boréades nooit horen, de geënsceneerde opera ging pas in 1982 in première. Koningin Alphise is verliefd op Abaris, een vreemdeling, terwijl de traditie eist dat ze een afstammeling van Boreas huwt. Als een ware deus ex machina komt Apollo een handje toesteken: het huwelijk wordt gefikst, het happy end is verzekerd. Rameau toont zich op zijn best in pakkende aria’s en aanstekelijke dansen – nooit was een tragedie zo swingend.

Met dank aan onze klavierpartner Piano's Maene

Digitaal & duurzaam

Digitale programmaboekjes voor onze dansvoorstellingen en bepaalde festivals vormen een onderdeel van ons engagement rond duurzaamheid en ecologisch ondernemen.

Laat weten wat je van de voorstelling vond op Facebook en Instagram met #concertgebouwbrugge